By BOSALO payday loans

Oude_Schelde_ban.jpg
Vleermuizen en andere zoogdieren Afdrukken E-mail

Voor de opvangcentra was 2011 een opmerkelijk vleermuizenjaar. Er werden in totaal tien verschillende soorten vleermuizen opgevangen tegenover een zevental in 2010. De meest binnengebrachte vleermuizensoort is de gewone dwergvleermuis met 551 individuen. Het jaar daarvoor waren er dat 'slechts' 334. Deze piepkleine nachtacrobaat van amper 3,6 tot 5,1 cm groot komt in groten getale voor in Europa en wordt soms gestoord bij afbraakwerken. Op die manier komen soms kolonies van enkele tientallen dieren in de opvangcentra terecht. De jongen worden in het opvangcentrum manueel gevoed met de inhoud van meelwormen. Dit kost heel wat tijd en vraagt vooral engelengeduld van de verzorgers.

 

Omdat 2011-2012 officieel uitgeroepen werd tot het Internationaal jaar van de Vleermuis, reserveren we graag wat extra ruimte in ons overzicht voor onze gevleugelde zoogdieren. In het Natuurhulpcentrum te Opglabbeek kwamen nog enkele zeer zeldzame vleermuizen op bezoek. Het ging om één Brandt’s vleermuis, een ingekorven vleermuis en twee tweekleurige vleermuizen. Tenslotte werden nog 22 gewone grootoren, 16 ruige dwervleermuizen, 11 laatvliegers, 7 rosse vleermuizen, 3 meervleermuizen en 1 watervleermuis opgevangen.

   

Behalve vleermuizen waren ook de zoogdieren die zich over de grond voortbewegen weer talrijk vertegenwoordigd. De egel is opnieuw de absolute koploper met niet minder dan 2.371 opgevangen individuen (tegenover 2.062 in 2010). Het merendeel van de egelpatiënten waren ook weer jonge dieren (869 ind.). Belangrijke andere oorzaken zijn ziekte, het wegverkeer, ondervoeding/uitputting en verwondingen veroorzaakt door honden. Andere vaak voorkomende gasten onder de zoogdieren waren wild konijn (660 tgo 496 ind. in 2010), ree (399 ind.) en rode eekhoorn (333 ind.).

 

 

Grootoorvleermuis

Een grootoor krijgt een meelworm in een opvangcentrum — © VOC Brasschaat