De invoer van in het wild gevangen vogels is permanent verboden binnen de Europese Unie. Op 1 juli 2007 ging deze regelgeving in, zo beslisten de ‘EU Animal Health Officials’. De regeling heeft het tijdelijke importverbod – dat op 25 oktober 2005 werd ingesteld om het uitbreken van de dodelijke variant van het vogelgriepvirus (H5N1) te voorkomen – vervangen. Vogelbescherming Vlaanderen beschouwt deze beslissing als een historische overwinning. Een permanent importverbod zal miljoenen wilde vogels redden – inclusief vele bedreigde soorten – én de biodiversiteit in de landen waar de vogels worden gevangen ten goede komen.
In 2003 nam de Europese Unie nog 67% van de globale invoer van wilde vogels voor haar rekening. Deze handel is een significante factor in de afname van bedreigde soorten zoals de Grijze Roodstaartpapegaai (Psittacus erithacus). Vóór het instellen van de tijdelijke importstop werden jaarlijks ongeveer 1,7 miljoen papegaaien in de EU ingevoerd. Ongeveer 60% van alle in het wild gevangen vogels die voor de import bestemd zijn, sterft door slechte transportomstandigheden, stress en ziekte nog vóór ze op het vliegtuig richting Europa gezet worden. In het jargon wordt dit de pré-exportsterfte genoemd. Cijfermateriaal hierover wordt nooit in de statistieken van overheidsinstellingen teruggevonden, want dat beperkt zich tot de aantallen dode vogels die bij aankomst in het land van in- of doorvoer geregistreerd worden.
Een hele lading Grijze Roodstaartpapegaaien uit Kameroen arriveerde dood op de luchthaven van Zaventem
Wild Bird Declaration Op 12 januari 2005 nam Vogelbescherming Vlaanderen het initiatief om ‘The European Union Wild Bird Declaration’ te overhandigen aan onze federale minister van Leefmilieu Bruno Tobback. Deze internationale verklaring werd ondertekend door 223 niet-gouvernementele organisaties (ngo’s) van over de hele wereld. Dit collectief drong er bij de EU op aan over te gaan tot een permanent verbod op de invoer van in het wild gevangen vogels. Omdat deze ngo’s samen vele honderdduizenden leden vertegenwoordigden, zei dat genoeg over de maatschappelijke verantwoordelijkheid die de lidstaten van de EU dienden te nemen.
Vogelbescherming Vlaanderen voert al enkele decennia actief strijd tegen de invoer van vogels die in de natuur gevangen zijn. Op de luchthaven van Zaventem liet onze vereniging vooral in de eerste helft van de jaren ’90 ontelbare zendingen met exotische vogels in beslag nemen. Ofwel werd de reglementering betreffende het dierenwelzijn niet gerespecteerd (met een hoge mortaliteit tot gevolg) ofwel waren de vervoersdocumenten niet in orde. Telkens opnieuw bracht onze vereniging de schandelijke praktijken aan het licht in de media, waarbij de invoerpolitiek steeds in vraag werd gesteld.
Bij de dierenhandel telt enkel het geld terwijl de dieren zelf als producten worden behandeld
Besmettelijke ziekten In het wild gevangen vogels spelen een niet te onderschatten rol in de verspreiding van besmettelijke virusziekten zoals Aviaire influenza en Newcastle disease of infectieziekten zoals Psittacose (papegaaienziekte). Dit werd op 18 oktober 2004 nog maar eens duidelijk toen de GAD (Groep Anti Drugs) van de douane op Zaventem een man van Thaise nationaliteit aanhield wegens vogelsmokkel. Een controle van de handbagage van de Thai bracht het illegale transport van twee levende Aziatische Kuifarenden (Spizaetus nipalensis) aan het licht. Deze soort wordt ook wel Nepalkuifarend genoemd. De manier waarop de man de roofvogels vervoerde, tart elke verbeelding.
Met behulp van een wit doek en kleefband waren ze stevig ingepakt – alsof het mummies waren – en in tenen kokers verstopt. Alleen de kop van de vogels was zichtbaar. De douaniers hadden alle moeite om de roofvogels uit de kokers te bevrijden. De dieren bleken bestemd voor een ‘roofvogelliefhebber’ uit Limburg. Omdat de kuifarenden afkomstig waren uit Thailand, een land dat op dat ogenblik af te rekenen had met vogelgriep, besliste het Belgische ministerie van Volksgezondheid en Leefmilieu ze te euthanaseren. Een autopsie door het ‘Nationaal Instituut voor Diergeneeskundig Onderzoek’ bracht aan het licht dat de vogels besmet waren met het voor de mens gevaarlijke H5N1-virus.
Aziatische Kuifarenden werden als worsten verstopt in tenen kokers en als 'handbagage' het land binnengesmokkeld
Reactie van toenmalig federaal milieuminister Bruno Tobback Uiteraard ben ik bijzonder tevreden dat Europa de invoer van wilde vogels structureel aan banden heeft gelegd. Binnen de Europese vergadering van milieuministers heb ik gedurende twee jaar gepleit en gelobbyd voor een dergelijk verbod. Mijn belangrijkste drijfveer was dat de massale invoer van wilde vogels helemaal niet strookt met een goed beleid voor dierenwelzijn, het behoud van de biodiversiteit en de volksgezondheid. Europa stond daarenboven tot voor kort op mondiaal niveau in voor het leeuwendeel van de handel in vogels die in de natuur werden gevangen en dit terwijl we met de Europese Vogelrichtlijn (79/409/EEG) intern de handel niet toelaten!
Je zou verwachten dat met zulke argumenten een akkoord gemakkelijk tot stand zou gekomen zijn en een nieuwe Europese regelgeving de evidentie zelve zou zijn. Toch was de tegenstand bijzonder hardnekkig: de handel in wilde vogels zou belangrijk zijn voor de financiering van conservatieprogramma’s in ontwikkelingslanden, een verbod zou de handel ondergronds drijven en een risico betekenen voor de volksgezondheid, enz. Het waren maar enkele van de tegenargumenten die zonder verdere staving in het publieke debat werden gegooid.
In 2006 heb ik samen met internationale vogelbeschermingorganisaties een kosten-batenanalyse over zo’n invoerverbod, waarmee we tal van hoger genoemde argumenten naar de prullenmand verwezen, aan de Raad van Europese ministers gepresenteerd. Bovendien heeft ook het Europese Agentschap voor de Voedselveiligheid een vernietigend rapport gepubliceerd over de impact en risico’s van de vogelimport. Zowel op vlak van natuurbehoud, dierenwelzijn als gezondheid bleek de grootschalige handel in vogels nefast te zijn. De beslissing die uiteindelijk in januari werd genomen, was dan ook de enige logische.