Mollen woelen je tuin om

Mollen zijn vooral in gazonrijke tuinen, sportvelden, weides en graslanden aanwezig. In een gemiddelde tuin leeft er maar 1 mol. Ze leven solitair en territoriaal. In de winter zie je de meeste molshopen: het resultaat van het graven van een gangenstelsel tijdens hun zoektocht naar bodeminsecten.

Pas een van de preventieve maatregelen toe

Meer info vind je hier.

Het vangen en doden van een mol is geen duurzame oplossing: elk vrijgekomen territorium wordt doorgaans snel ingenomen door een nieuwe mol.

Strooi de molshoopaarde uit
In de korte periode dat de mol zijn gangenstelsel uitbouwt (of dat van een vorige ‘renoveert’), kun je kort na het verschijnen van de molshopen, de aarde verspreiden over het gras. Zo ontstaan er geen kale plekken in het gras en zie je er na de eerste regenbui niets meer van. De mollengang blijft intact en er verschijnen dus voor lange tijd geen nieuwe molshopen.

Plant struiken en bomen
Een mol leeft het liefst in een uniform gazon. Mollen bezoeken minder snel je tuin als je verschillende soorten planten en bomen plant in plaats van alleen gras. Boomwortels zijn mooie obstakels voor de mol.

Graaf een mollennet in
Je kunt mollen ook effectief uit je tuin weren door een mollennet verticaal in te graven tot een diepte van 70 cm. Mollen kunnen dan geen aarde meer naar boven duwen en worden zo uit de grasmat geweerd.

 

Word lid en steun ons

Vanaf € 26 per jaar help je onze inheemse wilde soorten beschermen. En daar krijg je veel voor terug.

Steun ons

Schrijf je in op onze nieuwsbrief

Blijf op de hoogte